De eerste maand bij Het Naoberhuis: ‘Ik wil een klankbord zijn, geen voorleesapparaat’

Een maand geleden nam Team Connected Het Naoberhuis over. Daarmee veranderde er iets wezenlijks. Jarenlang hielpen we zorgorganisaties bij complexe personeels- en team vraagstukken. Nu zijn we zelf verantwoordelijk. Voor twee locaties, voor de medewerkers die er werken en bovenal voor de jongeren die er wonen.

Eddie Zuidema is er de afgelopen weken bijna dagelijks te vinden. En hoewel hij naar eigen zeggen houdt van complexe vraagstukken, ontdekt hij ook hoe de werkelijkheid voelt wanneer je er zelf middenin staat. “Het vertrouwen is er natuurlijk niet meteen. Dat moet gewoon rustig ontstaan.” Op papier is de overname rond. In de praktijk begint het dan pas.

 

 

Nu dragen we het zelf

We kenden natuurlijk al heel veel complexe vraagstukken van zorgorganisaties. We werken er iedere dag mee samen. Maar nu je zelf een zorginstelling bent zit je zelf aan alle kanten van zo’n vraagstuk. Een rooster dat niet rondkomt. Een medewerker die ondersteuning nodig heeft. Een situatie op de groep waarin de spanning oploopt. Team Connected denkt er niet meer alleen over mee, en vliegt in, maar draagt nu zelf de uiteindelijke en volledige verantwoordelijkheid.

“Je voelt veel directer wat iedere keuze betekent. Voor de medewerkers, voor de organisatie, maar uiteindelijk vooral voor de jongeren die hier wonen.” Juist daar ligt voor Eddie de kern. “Dat ergens een kopje niet in de vaatwasser staat, zal mij echt een zorg zijn. Maar als een jongere niet goed wordt bejegend, vind ik dat lastig. Als ik helemaal terugga naar mijn missie, dan wil ik gewoon goed zijn voor die kinderen.”

Tegelijkertijd ziet hij in die eerste weken hoeveel er al stevig staat bij het Naoberhuis. “Zorgmensen gaan echt voor de jongeren. Dat zie ik hier iedere dag.” Laatst zag hij een medewerker een halfuur eerder voor haar dienst binnenkomen. Ze had voorzien dat er later een probleem kon ontstaan en besloot zelf eerder te komen. 

“Dat had ik helemaal niet gevraagd. Ik had het zelf niet eens bedacht. Zij dacht gewoon: straks is daar geen tijd voor, dus dan kom ik eerder. Dat vind ik mooi.” Die betrokkenheid ziet hij overal. Maar juist daarin schuilt ook een risico.

“Als iemand in haar eentje in de reddende rol gaat zitten tegenover een hele organisatie, houd je dat natuurlijk niet vol. Dus het is aan ons om te zorgen dat mensen hun werk goed kunnen doen, zonder dat ze veel zelf hoeven te dragen.”

‘Voor mij is het toch duidelijk?’

En daar loopt Eddie de afgelopen weken soms ook zichzelf tegen het lijf. “Ik heb in mijn hoofd vaak gewoon een visie en plan. En dan denk ik: dit is toch duidelijk?” Niet altijd dus.

De vorige eigenaresse Thalita hield hem daar onlangs een spiegel in voor. “Ze zei: ‘Jij hebt in jouw hoofd een heel gestructureerd plan en dat draag je ook echt wel uit. Maar als vier mensen je dezelfde vraag stellen, zou je je ook kunnen afvragen of het voor de ander wel zo helder is als voor jou.’” Eddie lacht. “Ja. Dan denk ik: verrek. Misschien moet ik gewoon wat meer context geven.” Een plan hebben betekent nog niet dat anderen dat plan ook voelen, begrijpen of vertrouwen. Zeker niet midden in een overname waarin veel verandert.

Dat werd bijvoorbeeld ook zichtbaar toen Thalita na de overname meer afstand nam. Voor sommige medewerkers ging dat simpelweg te snel. Toen zij weer aansloot bij onder andere de groepsapp, zag Eddie direct wat er gebeurde. “Mensen ontspanden, zo van: oké, ze leest toch nog mee. Ik spreek Thalita ook met regelmaat. Blijkbaar was het nog te vroeg om daar uit te stappen. Dat vind ik interessant. Soms kan het grote verschil in een heel klein detail zitten.”

Voor Eddie betekent het dat hij soms iets moet doen wat niet altijd vanzelf gaat: vertragen. Niet alleen bedenken waar je heen wilt, maar zorgen dat mensen mee kunnen bewegen.

Van antwoord geven naar vragen stellen

Dat zie je misschien nog wel het duidelijkst wanneer medewerkers hem bellen. “Ik merk dat mensen soms gewend zijn dat het antwoord al voor ze bedacht wordt.” Ik probeer dan iets anders. Als iemand belt met een vraag, zeg ik: ‘Goed dat je belt. Wat had je zelf bedacht?’ ‘Wat zie jij?’” Dat levert soms even stilte op. Maar steeds vaker komt er daarna een antwoord.

“Laatst zei iemand tegen mij: ‘Ja, …even helemaal out of the box gedacht…’ Toen dacht ik: ik heb helemaal geen box, dus wat je zegt is al goed.” Belangrijker nog: de medewerker had zelf nagedacht over een oplossing.“En diegene was daar ook echt trots op. Zo van: dit hadden we anders niet voor elkaar gekregen, want toen was het al voor ons bedacht.”

Langzaam merkt Eddie dat de gesprekken veranderen. Mensen zoeken hem vaker op om een situatie voor te leggen, een idee te bespreken of even te sparren. Precies daar wil hij naartoe. “Ik wil een klankbord worden in plaats van een voorleesapparaat.” 

Want de professionals op de vloer weten vaak veel meer dan hij. “Zij zijn de experts. Ik niet. Zij kennen die jongeren. Dus ik hoef helemaal niet overal het antwoord op te hebben.” En hij wil ook niet dat medewerkers hem vooral als ‘de baas’ zien. “Ik wil dat iemand denkt: hé, ik heb een situatie of een idee, laat ik eens met hem sparren.”

Ruimte geven vraagt vertrouwen

Dat betekent niet dat iedereen het vanaf morgen zelf maar moet uitzoeken. “Je moet heel goed kijken naar de grens tussen vragen en overvragen. De ene medewerker heeft veel ervaring, de ander komt net van school. Soms moet je er gewoon zijn.”

Voor Eddie zit ruimte geven daarom net zo goed in nabijheid. Weten wie er tegenover je staat. Zien wat iemand aankan. Beschikbaar zijn wanneer dat nodig is. En doen wat je zegt. “Als iemand mij belt en ik ben niet beschikbaar, dan zeg ik: over een uur ben ik er. Maar dan zorg ik ook dat ik er over een uur ben.” Want verantwoordelijkheid vragen kan volgens hem alleen als daar iets tegenover staat.

“Je moet vertrouwen hebben in je mensen. Hun kwaliteiten zien. Maar zij moeten er andersom ook op kunnen vertrouwen dat jij doet wat je belooft.” En soms zit dat in iets heel kleins. “Als ik iemand vraag om een extra dienst, kan ik ook zeggen: ‘Ik weet dat ik veel van je vraag. Je mag ook nee zeggen.’ Alleen dat al maakt verschil.”

Nu moeten we het zelf laten zien.

Iets waar we binnen Team Connected al langer in geloven is dat het belangrijk is om  medewerkers de ruimte te geven om het op hun manier goed te doen. Bij Het Naoberhuis krijgt die gedachte iedere dag betekenis.

Want ruimte geven is relatief eenvoudig wanneer alles rustig loopt. Interessanter wordt het wanneer de druk oploopt of je zelf allang hebt bedacht wat volgens jou de beste oplossing is. Juist dan moet je het laten zien. 

Eddie wil verantwoordelijkheden daarom zo dicht mogelijk leggen bij de mensen die het werk doen. Niet professionals kleiner maken door alles voor ze te bedenken, maar hen juist groter maken en ruimte geven. “Dat vind ik juist mooi aan deze fase. Hoe begeleid je mensen? Hoe krijg je mensen mee? Hoe zorg je dat jouw plan niet alleen in jouw hoofd zit, maar dat mensen het uiteindelijk zelf gaan dragen?”

Over een jaar…

Vraag Eddie waar Het Naoberhuis over een jaar moet staan en hij maakt het niet ingewikkelder dan nodig. “Dan wil ik hier gewoon een stabiele organisatie hebben staan. Rust op de werkvloer. Iedereen regie over zijn of haar eigen taak. En mensen die echt fluitend naar hun werk gaan.”

Hij hoopt dat medewerkers dan terugkijken en zeggen dat de voortzetting met Team Connected een goede keuze is geweest. En dat Thalita en Hilfert-Jan, die Het Naoberhuis jarenlang hebben gedragen, hetzelfde voelen.

Thalita gaf hem onlangs al iets terug wat hem raakte: wat ze Team Connected de eerste weken zag doen, gaf haar alleen maar meer vertrouwen in haar keuze voor de overname. “Dat zou me over een jaar ook wel trots maken. Dat je ondanks alles wat er gebeurt in iedere storm gewoon blijft staan.”

Want een organisatie kun je op papier van de ene op de andere dag overnemen. Het vertrouwen van de mensen die er werken niet. Dat ontstaat daarna. Door te luisteren. Soms te vertragen. Te doen wat je belooft. En niet altijd het antwoord te willen geven, maar mensen te helpen hun eigen antwoord te vinden. 

Of, zoals Eddie het zelf zegt: “Ik wil een klankbord zijn, geen voorleesapparaat.”